Slim laden in 2028, bidirectioneel mogelijk later: zo grijpen Europese en Vlaamse regels in elkaar
Terug
Vanaf 1 januari 2028 moeten nieuwe en vervangen niet-openbaar toegankelijke laadpunten in Vlaanderen slim laden ondersteunen. Dat betekent echter niet dat bidirectioneel laden vanaf die datum eveneens verplicht wordt. De Vlaamse regelgeving vloeit voort uit de Nieuwe Europese technische eisen voor de communicatie tussen elektrische voertuigen en laadpunten.
Sustainable Media 365 schreef eerder over het voorontwerp van decreet waarmee de Vlaamse Regering nieuwe regels voor slim en bidirectioneel laden voorbereidt. Naar aanleiding van dat artikel wees sectorfederatie EV Belgium de redactie erop dat voor de laadsector verschillende Europese en Vlaamse verplichtingen naast elkaar lopen. Vooral het onderscheid tussen slim en bidirectioneel laden is daarbij belangrijk.
Europa heeft al regels voor slim laden
Een deel van dat regelgevend kader is al van kracht. De Europese Alternative Fuels Infrastructure Regulation (AFIR) verplicht exploitanten bijvoorbeeld om openbaar toegankelijke laadpunten die na 13 april 2024 zijn gebouwd, of na 14 oktober 2024 zijn gerenoveerd, geschikt te maken voor slim laden.
Vanaf 1 januari 2027 komt daar een belangrijke nieuwe technische stap bij. Op grond van een gedelegeerde Europese verordening moeten nieuwe of gerenoveerde openbare AC- en DC-laadpunten voor interoperabiliteit minimaal voldoen aan ISO 15118-20.
ISO 15118-20 legt een gemeenschappelijke communicatielaag vast tussen voertuig en laadpunt en ondersteunt meer geavanceerde toepassingen dan zijn voorganger. Daaronder vallen geavanceerd slim laden, bidirectioneel laden en uitgebreidere plug-and-chargefunctionaliteiten. De Europese Commissie merkt daarbij op dat veel bestaande voertuigen nog gebruikmaken van ISO 15118-2 en voorziet daarom in een overgang waarin beide generaties naast elkaar bestaan.
Vlaanderen legt vanaf 2028 bredere verplichting vast
Het Vlaamse voorontwerp sluit aan op dat Europese kader. Het nieuwe artikel bepaalt dat alle nieuwe en vervangen niet-openbaar toegankelijke laadpunten vanaf 1 januari 2028 functionaliteiten voor slim opladen moeten ondersteunen. De Vlaamse Nutsregulator moet in zijn technische reglementen verder bepalen om welke functionaliteiten het precies gaat en daarbij rekening houden met de Europese eisen onder AFIR.
De memorie van toelichting noemt 1 januari 2028 een redelijke overgangstermijn voor de invoering van deze nieuwe eisen. Slim laden moet onder meer mogelijkheden bieden om het laden af te stemmen op netcapaciteit, elektriciteitsprijzen en de beschikbaarheid van hernieuwbare elektriciteit.
Volgens EV Belgium bereidt de laadsector zich daarom al meerdere jaren voor op deze ontwikkeling. De federatie vertegenwoordigt meer dan 140 bedrijven uit de elektrische mobiliteit en zegt vanuit haar leden momenteel geen algemene signalen te ontvangen dat de ondersteuning van slim laden bij nieuwe installaties vanaf 2028 technisch onhaalbaar zou zijn.
Geen algemene V2G-verplichting in 2028
Voor bidirectioneel laden ligt het anders. Het Vlaamse voorontwerp legt daarvoor geen algemene verplichting vast die automatisch op 1 januari 2028 ingaat.
De Vlaamse Regering legt met het decreet wel de juridische basis voor de bevoegdheid om later te bepalen dat nieuwe en vervangen niet-openbare laadpunten ook een koppeling met de digitale meter en functionaliteiten voor bidirectioneel laden moeten ondersteunen. Een dergelijke verplichting moet voortbouwen op een beoordeling door de Vlaamse Nutsregulator.
De Vlaamse overheid erkent in de memorie van toelichting dat bidirectioneel laden zich nog in een vroege ontwikkelingsfase bevindt en voorlopig vooral in pilootprojecten wordt toegepast. Daarom wordt bewust ruimte gelaten om een verplichting pas later in te voeren, wanneer het speelveld beter is voorbereid op grootschalige toepassing.
Standaardisatie is begonnen, maar V2G-ecosysteem is nog in ontwikkeling
Ook bij standaardisatie is dat onderscheid relevant. Met ISO 15118-20 ligt er inmiddels een belangrijke standaard voor de communicatie tussen voertuig en laadpunt. De sector begint dus niet meer vanaf nul.
Daarmee zijn echter nog niet alle randvoorwaarden voor een grootschalige V2G-markt ingevuld. Op Europees niveau wordt verder gewerkt aan onder meer data-uitwisseling, marktintegratie en de rol van elektrische voertuigen als flexibele assets. In mei 2026 presenteerden Europese expertgroepen bijvoorbeeld nieuwe aanbevelingen voor gemeenschappelijke afspraken rond data-uitwisseling voor flexibiliteit, slim laden en bidirectioneel laden.
Eerst aanmaning, daarna mogelijk boete
Het Vlaamse voorontwerp legt de verantwoordelijkheid voor naleving bij de netgebruiker van het niet-openbaar toegankelijke laadpunt. Wie niet aan de geldende eisen voldoet, krijgt echter niet onmiddellijk een boete. VEKA moet de netgebruiker eerst aanmanen en een termijn geven om de installatie alsnog conform te maken. Pas wanneer dat niet gebeurt, kan een administratieve geldboete van 2.000 euro per niet-conform laadpunt volgen.











