Vlaamse PV-verplichting gaat op 1 april 2026 in: 'Niet iedereen zal erin slagen'

Terug
01.04.2026 Hoofdartikel
Van de 365-redactie
Vlaamse PV-verplichting gaat op 1 april 2026 in: 'Niet iedereen zal erin slagen'
©VOKA

Grootverbruikers van energie in Vlaanderen moeten sinds 1 april jl. voldoen aan de PV-verplichting. Wie die deadline niet haalt, riskeert stevige boetes. De vraag is echter of die sancties ook daadwerkelijk zullen worden opgelegd. “Bedrijven die de juiste stappen hebben gezet maar vertraging oplopen, moeten op clementie kunnen rekenen. Dat is de redelijke weg”, hoopt Yannick Van den Broeck van werkgeversvereniging Voka.

Voka is de belangrijkste vertegenwoordiger van Vlaamse werkgevers en verenigt meer dan 18.000 ondernemingen, van kleine familiebedrijven tot grote multinationals. Samen zorgen deze bedrijven voor ongeveer 70 procent van de economische waarde en 80 procent van de export in Vlaanderen.

Bruikbaar dakoppervlak

Yannick Van den Broeck trad in 2023 aan als expert energie en klimaat bij Voka. Hij volgt sindsdien onder meer de ontwikkelingen rond de Vlaamse PV-verplichting voor bedrijven op de voet. Dat beleidsvoornemen stamt uit 2022 en werd in juni 2023 van kracht. Tegen 30 juni 2025 moet een deel van het bruikbare dakoppervlak van bedrijven met meer dan 1 gigawattuur energieverbruik van zonnepanelen zijn voorzien, minimaal 12,5 wattpiek per vierkante meter.

Korte deadline

“Deze maatregel raakt naar onze inschatting ruim 2.500 bedrijven, waaronder veel Voka-leden. Wij lieten onze stem horen tijdens de totstandkoming van de regelgeving. We waren kritisch, onder meer aangaande de korte deadline die werd gesteld. De wetgever bleek niet gevoelig voor onze argumenten, de Raad van State gelukkig wel”, benadrukt Van den Broeck.

Eenzijdige focus

De Vlaamse PV-verplichting werd onder meer ingegeven door de energiecrisis aan het begin van dit decennium. Het doel was het onbenutte dakoppervlak bij grootverbruikers voorzien van pv en zo de energietransitie versnellen. Er werd ingezet op een snelle implementatie, die binnen twee jaar moest plaatsvinden. “Voor veel ondernemingen was dat praktisch onmogelijk. Daarnaast stelden we grote vraagtekens bij de eenzijdige technologische focus”, aldus Voka.

Netto-producent

“Zonnepanelen zijn niet de beste energieoplossing voor iedereen”, schetst Van den Broeck. “Neem bedrijven met een warmtekrachtkoppeling (WKK), waarmee warmte en elektriciteit worden opgewekt, bijvoorbeeld uit aardgas. Ben je met behulp van deze technologie een netto-producent, dan zijn zonnepanelen geen financieel gezonde keuze. Daarnaast kan pv gewoonweg niet overal en altijd, bijvoorbeeld door brandveiligheidseisen van verzekeraars, netcongestie of dakbelemmeringen.”

Geldig alternatief

Voka pleitte voor het opnemen van alternatieven voor zonnepanelen op het dak in de PV-verplichting en met succes, aldus Van den Broeck. Zo tellen nu ook zonnepanelen op land mee, mogen gevelpanelen worden geplaatst en zijn zonthermische systemen, zoals collectoren en parabolische spiegels, meegenomen. Ook warmtepompen worden als geldig alternatief beschouwd. Er zijn nu meer mogelijkheden om aan de PV-verplichting te voldoen. Dat wil echter niet zeggen dat Voka er helemaal blij mee is. “Zo zijn e-boilers, die een belangrijke oplossing voor veel industriële bedrijven vormen, buiten beschouwing gebleven.”

Oude windturbines

Voka heeft nog een belangrijk punt van kritiek, namelijk dat eerder geplaatste zonnepanelen wel mogen meetellen voor het behalen van de PV‑verplichting, terwijl dat niet geldt voor windturbines op land die vóór 2023 werden gebouwd. Veel bedrijven hebben hun turbines juist in die periode gerealiseerd. Volgens Van den Broeck zorgt dat voor problemen, omdat extra zonnepanelen voor deze bedrijven vaak geen financieel voordeel meer opleveren.

Niet vereist

“Een meer fundamenteel standpunt van Voka is dat wij geloven niet in dwang, maar in vrijheid. Veel bedrijven hebben al zonnepanelen op het dak of zijn daarmee bezig. Daarvoor is geen PV-verplichting nodig. Wij hadden die dan ook liever niet gezien. Een generieke verduurzamingseis was beter geweest, waarbij bedrijven zelf de concrete invulling kiezen, bijvoorbeeld ook via energiebesparing of PPA’s”, stelt Van den Broeck.

Laat uit de startblokken

De deadline voor de PV-verplichting is met negen maanden verschoven, naar 1 april aanstaande. Gaan alle bedrijven die daaraan moeten voldoen deze halen? Van den Broeck acht dat onwaarschijnlijk. “Hoewel iedereen er nu wel van weet, zijn er partijen die nu pas echt wakker schieten.” Daarnaast ontvangt Voka berichten van ondernemingen die in een problematische situatie zitten, bijvoorbeeld door onverwachte maar noodzakelijke werkzaamheden op het dak of omdat ze in de wachtrij voor aansluiting staan bij netbeheerder Fluvius.

Goede intenties

“De grote vraag die bij deze ondernemingen leeft, is wat er gebeurt als ze de deadline niet halen”, weet Van den Broeck. “Wat nog steeds boven het hoofd hangt, is de boete van 400 euro per kilowattpiek voor het verplichte vermogen dat op 1 april ontbreekt. Daardoor kan de geldstraf hoog oplopen. Bovendien ontslaat die je niet van de verplichting. Dit alles geldt ook voor bedrijven die met goede intenties hebben, maar toch vertraging oplopen.”

Clementie

Voka zet zich actief in om dit mogelijke probleem te adresseren, vertelt Van den Broeck. De werkgeversvereniging kaart het aan bij het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA), onder andere verantwoordelijk voor toezicht en handhaving, en bij de Vlaamse overheid. Het standpunt van Voka luidt dat bedrijven die de juiste stappen zetten maar de deadline niet halen, op clementie moeten kunnen rekenen.

Niet eenvoudig

“Daarnaast kijken we verder dan 1 april”, zegt Van den Broeck. De uitbreiding van de PV-verplichting naar bedrijven die momenteel onder de 1 gigawattuurdrempel vallen, staat op de politieke agenda. Er komen heel wat sectoren in beeld bij een expansie, denk bijvoorbeeld aan de retail. Voor een deel van deze ondernemingen zal het naleven van de verplichting niet eenvoudig zijn, bijvoorbeeld door snel toenemende netcongestie, onvoldoende draagkracht van daken of de aanwezigheid van andere dakinstallaties. “Bij Voka blijven we de ontwikkeling van de Vlaamse PV-verplichting dus nauwgezet volgen”, besluit Van den Broeck.