Hoe bereidt PV CYCLE zich voor op de aankomende golf aan te recyclen zonnepanelen?
Terug
Producenten en importeurs van zonnepanelen moeten zelf instaan voor de recyclage van hun producten. Dat is goed geregeld in België, aldus Jan Clyncke, directeur van PV CYCLE, dat die producentenverantwoordelijkheid organiseert en afhandelt. Over de inzameling en verwerking van de toekomstige afvalstroom maakt hij zich geen zorgen. Dat ligt anders aangaande de illegale export van afgedankte zonnepanelen naar verre landen. “Dat moet zo snel mogelijk stoppen.”
In 2025 verwerkte PV CYCLE 1.785 ton afgedankte zonnepanelen, 20 procent meer dan het jaar voordien. Van een grote toestroom wil Clyncke echter nog niet spreken: de fractie is een klein deel van het totaal geïnstalleerde pv-vermogen. Bovendien valt de stijging lager uit dan verwacht. Hetzelfde patroon ziet hij onder meer in Duitsland.
Vervanging pas bij noodzaak
“Daar lagen in 2010 al heel veel zonnepanelen op daken, maar die komen nog altijd niet massaal terug als afval. Dat heeft alles te maken met de lange levensduur. Consumenten denken bovendien niet snel aan vervanging; ze zijn vaak tevreden zolang een installatie stroom levert, ook al is dat wat minder dan in het begin. Bij grote installaties telt de economische levensduur wel. Maar ook daar blijft repowering achter, onder andere mede door geopolitieke onrust – zoals recent rond Iran – die voor een onzeker investeringsklimaat zorgt”, vertelt Clyncke.
Freeriders
PV CYCLE spoort continu freeriders op, onder meer door bedrijven op beurzen aan te spreken. “Er is altijd wel iemand die zijn producentenverantwoordelijkheid niet nakomt, maar dat zijn er weing”, aldus Clyncke.
Daarnaast vallen ook leden af, omdat ze stoppen – al dan niet gedwongen – of bijvoorbeeld overstappen op batterijen of een warmtepomp. De achterban schommelt al lange tijd rond de 400 bedrijven.
Vaste heffing garandeert toekomst
Daarmee vertegenwoordigen we echter wel zo’n 99,9 procent van de markt. Dat succes is in belangrijke mate te danken aan de zichtbare milieubijdrage die in België – net als in Frankrijk, maar in tegenstelling tot de andere Europese landen – verplicht is op de pv-factuur. Die vloeit via een cascadesysteem terug naar ons. Voor een product met lange levensduur is dat het beste systeem. We bouwen er een fonds mee op dat de kosten goed afdekt. Valt de markt morgen volledig stil, dan kunnen we nog jaren vooruit”, stelt Clyncke.
Goede dekking
Van de zonnepanelen die PV CYCLE inzamelt komt 65 procent uit Vlaanderen, 34 procent uit Wallonië en 0,2 procent uit Brussel. Die cijfers liggen grosso modo in lijn met de regionale spreiding van geplaatste panelen, zegt Clyncke. Ook wat de inzamelpunten betreft, ziet hij geen grote lacunes.
“Momenteel tellen we 102 inzamellocaties en waar nodig breiden we uit. Zo kan Brussel er nog een paar gebruiken, maar daar is de ruimte schaars. De richtlijn van maximaal 40 kilometer tussen locaties die we met de overheid hanteren, is echter niet overal haalbaar, bijvoorbeeld in de uitgestrekte bossen in de Ardennen. Bij grote volumes, zoals de vervanging van een zonnedak op een bedrijf, halen we de panelen rechtstreeks op”, verduidelijkt Clyncke.
Nood aan duidelijk (Europees) kader
PV CYCLE realiseert momenteel zo’n 86 procent recyclage en ruim 96 procent valorisatie van zonnepanelen, vooral glas en aluminium, volgens Clyncke. Samen met de verwerkers wordt de stap naar hoogwaardigere recycling verkend, en met de overheid loopt een gesprek over eenduidige definities. “Glasscherven met antimoon die in cementblokken belanden, noemt het ene land recyclage, een ander land storten en een derde recovery, bij gebrek aan zekerheid. Daar moet meer structuur in komen, liefst op Europees niveau. Anders vergelijk je constant appels met peren.”
Inzameltargets weinig zinvol
Van Clyncke mag de lat voor recycling van zonnepanelen hoog liggen. “Zo ben ik niet bang voor Europese targets per materiaalstroom: zoveel procent zilver, koper, silicium, glas… Wel moet daarbij rekening worden gehouden met de veranderende samenstelling. Zo bevatten nieuwe glas-glas zonnepanelen minder zilver en worden de aluminiumframes dunner.“
Aan een inzameltarget, dat de afgelopen drie jaar op 65 procent lag, heeft hij weinig boodschap. “Wat is de toegevoegde waarde van zo’n doel voor producten die nog heel lang meegaan?”
Voldoende verwerkingscapaciteit
Maakt Clyncke zich dan wel zorgen over de verwerkingscapaciteit voor afgedankte zonnepanelen, met het oog op de afvalstroom die er hoe dan ook aankomt? Ook daarover is hij optimistisch. Waar hij zich 20 jaar geleden nog afvroeg hoe die panelen ooit gerecycled zouden worden, wijst hij op alle mogelijkheden van vandaag: shredderen, pyrolyse, chemische recyclage...
“We werken nu samen met drie Belgische recyclingbedrijven, waarvan er wel één tijdelijk stilligt voor een forse upgrade van de verwerkingslijn. Ook de andere afvalverwerkers zien een opkomende markt en plannen eigen capaciteit. Er zijn ook heel wat start-ups met innovatieve methodes, al zullen die lang niet allemaal overleven. Maar zelfs als maar de helft van wat in de pijplijn zit lukt, hier of elders, hebben we genoeg. Ik maak me dus geen zorgen.”
Naar nul
Een milieubijdrage blijft nodig zolang recyclage van zonnepanelen geld kost, zegt Clyncke. In sommige landen neemt die al af door groter volume. Die trend zal doorzetten. Daar staat echter een dalende materiaalwaarde tegenover, bijvoorbeeld doordat aluminium plaatsmaakt voor staal en zilver voor een ander materiaal. Dat kan elkaar compenseren. De ultieme doelstelling, dat de waarde van herwonnen materialen alle recyclagekosten dekt, ziet hij als wensdenken. “Ik ga dat niet meemaken en ook na mij zie ik het niet gebeuren.”
Zwarte markt
Grote obstakels ten aanzien van de instroom aan te recyclen zonnepanelen ziet Clyncke niet. Wel noemt hij hergebruik een hardnekkig issue. PV CYCLE kaart dat al lang aan. Veel afgedankte panelen worden vanuit de EU verscheept voor hergebruik, onder meer naar de Sahel, Afghanistan en Pakistan. “Dat is op zichzelf geen probleem, maar wel als het illegaal gebeurt. Het papierwerk klopt vaak niet. Bovendien bevatten heel wat zendingen feitelijk afval, opgekocht op de zwarte markt door spelers zonder scrupules, ondanks het regulerende kader”, betreurt Clyncke.
Eigen norm uitgewerkt
Het Verdrag van Bazel, dat alle overbrengingen van afval regelt - ook afgedankte elektrische en elektronische apparatuur zoals zonnepanelen - bestaat al bijna 40 jaar. Dat mondde uit in de Waste Shipment Regulation van de EU. Verschepen mag onder drie voorwaarden: een contract tussen verzender en ontvanger (of minstens een factuur), een bewijs van een functionaliteits- en veiligheidstest en een schriftelijke verklaring op briefhoofd dat het niet om afval gaat.
“In de praktijk worden die regels gewoon niet gevolgd. PV CYCLE komt daarom zelf met een norm voor technische eisen, die dit jaar het levenslicht moet zien als opstap naar een volwaardige internationale IEC-standaard. Dan krijgen ook lokale milieudiensten eindelijk houvast bij controle en handhaving”, besluit Clyncke.










