Groenestroomcertificaten schrappen bij negatieve stroomprijzen?

Terug
02.07.2026 Hoofdartikel
Van de 365-redactie
Groenestroomcertificaten schrappen bij negatieve stroomprijzen?

Vlaams minister Depraetere wil dat er bij negatieve energieprijzen geen groenestroomcertificaten meer worden uitgekeerd. Deze maatregel zou oorspronkelijk vanaf 1 april dit jaar gaan gelden, maar een eventuele implementatie is uitgesteld tot na de zomer. Hoe kijkt werkgeversorganisatie Voka hiernaar? Energie- en klimaatexpert Yannick Van den Broeck: "Contract is contract. En als het dan toch moet, doe het dan op een intelligente manier."

Het groenestroomcertificaat, een verhandelbaar bewijs dat aantoont dat 1 megawattuur (MWh) elektriciteit is opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen, bestaat al bijna twintig jaar in Vlaanderen. Van den Broeck noemt het een nobel instrument: de opzet was hernieuwbare energie uit zon en wind maximaal stimuleren, in een zeer prille fase van de energietransitie. De projecten waren toen duur en deze certificaten maakten ze rendabel.

Duur succes

"Dat was aan het begin van deze eeuw absoluut nodig", aldus Van den Broeck. "Daarover is geen discussie, net zoals over het succes van dit systeem. Het gaf een enorme impuls aan de Vlaamse energietransitie. Maar de investeringskosten van hernieuwbare energieprojecten, met name PV, zijn sterk gedaald. Groenestroomcertificaten hebben die evolutie niet bijgehouden. De waarde bleef lange tijd relatief hoog en iedereen betaalt mee aan de hoge maatschappelijke kosten die er nog steeds mee gepaard gaan via de elektriciteitsrekening."

Engagement nakomen a.u.b.

Voka ziet groenestroomcertificaten als een erfenis van het verleden, minder van deze tijd. Vele zonnepaneelprojecten hebben zich snel en al lang terugverdiend. Maar ze zijn wel een juridisch contract met de overheid. "Dat is een gevoelig punt voor ons", aldus Van den Broeck. "Er werden overeenkomsten aangegaan waarbij je 15 tot 20 jaar recht hebt op deze certificaten. Een bedrijf neemt dat mee in de businesscase en investeringsbeslissing. Het is dus gewoonweg niet correct om daar achteraf op terug te komen. Ons standpunt: respecteer bestaande afspraken en zit de rit uit."

Gevoelig dossier

Dat de mening van Voka niet overal politiek draagvlak heeft, bewees de vorige Vlaamse regering. Die poogde de regeling vergaand te hervormen middels een knip; de toekenning van groenestroomcertificaten zou vanaf een nog vast te leggen datum retroactief worden stopgezet. "Dat is destijds juridisch afgebrand. Het kwam er niet door. We zagen er ook niets over terug in het nieuwe regeerakkoord, waar een dergelijke maatregel thuishoort. Het is geen trivialiteit; de impact op het veld is groot", stelt Van den Broeck.
Het plan om groenestroomcertificaten niet uit te keren bij negatieve stroomprijzen leidde dan ook tot grote verbazing bij Voka.

Anders ingekleed

De juridische basis voor het voorstel van energieminister Melissa Depraetere komt voort uit de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (GBER/AGVV) van de Europese Unie. Europese staatssteunregels verbieden lidstaten om steun toe te kennen aan hernieuwbare energieprojecten tijdens momenten van negatieve prijzen. "Het wordt dus opnieuw geprobeerd, in een andere vorm", stelt Van den Broeck vast. "We hebben het wederom over een ingrijpende maatregel. En implementatie blijkt ook nu niet eenvoudig. Dat zou 1 april 2026 gebeuren, maar het besluit is dus over de zomer getild."

Constructief maar kritisch

Hoe kijkt Voka naar de huidige stand van zaken? Het principiële uitgangspunt is nog steeds ‘contract is contract’, benadrukt Van den Broeck. Tegelijkertijd toont Voka begrip voor de achterliggende gedachte, die verdedigbaar is vanuit een systeemperspectief. Het is niet logisch dat er projecten bij negatieve prijsuren worden ondersteund, dat voelt iedereen wel aan, stelt hij. Maar hij zet wel vraagtekens bij de aanpak van de minister. Haar voorstel ging volgens hem veel te ver.

De Europese regels laten ruimte voor interpretatie, aldus Voka. Nergens staat bijvoorbeeld dat steun meteen tot nul moet worden teruggebracht. Geleidelijke afbouw is tevens mogelijk. Nog een alternatief is deze maatregel enkel toe te passen op nieuwe projecten. Daarnaast stelde Voka voor om enkel te kijken naar de elektriciteit, die effectief op het net wordt ingevoed.

Juridische twijfels?

"Wat lokaal wordt verbruikt of opgeslagen, valt buiten de logica van een dergelijk besluit. Die nuance moet dus worden meegenomen. Dus dat was ons voorstel, buiten het main point: de contractuele verbintenis moet gewoon gerespecteerd blijven. Ik denk dat dat de reden is waarom het zo lang duurt om tot een beslissing te komen. Er moet ergens een advies van de Raad van State liggen dat zeer kritisch is. Ik vermoed dat daar iets in staat dat ons gelijk geeft. Dat is een buikgevoel, want zo’n advies heb ik niet gezien. We hebben het over één van de best bewaarde geheimen van het Martelaarsplein, waar onze regering huist", meent Van den Broeck.

Mogelijkheid tot bijsturen

Vooral de recentere hernieuwbare energiesystemen rekenen nog altijd met groenestroomcertificaten in hun businesscase. Een aanzienlijk deel van de zonnepaneelinstallaties zou dan ook geraakt worden bij het schrappen van groenestroomcertificaten bij negatieve energieprijzen, zo toonden berekeningen van Voka aan. Wordt dat gedaan, dan moeten bedrijven een kans krijgen om hun businessmodel opnieuw te structureren en te investeren in oplossingen, die beter aansluiten bij het elektriciteitssysteem van vandaag, zegt Van den Broeck, bijvoorbeeld met een batterij.

Flexibiliteit meenemen

Is een uitgestelde levering met behoud van inkomsten uit het groenestroomcertificaat in dit kader ook een denkbare oplossing voor Voka? Volgens Van den Broeck wel. Als groene stroom tijdens uren met negatieve prijzen eerst in een batterij wordt geparkeerd en later op het net gezet, draagt een bedrijf bovendien bij aan het elektriciteitssysteem en het verkleinen van onbalans tussen vraag en aanbod. Dat sluit aan bij het voorstel van Voka om alleen te kijken naar de stroom die daadwerkelijk wordt geïnjecteerd. Biedt een bedrijf op die manier flexibiliteit, dan moet daar volgens de werkgeversorganisatie ook rekening mee worden gehouden bij de uitwerking van de regeling.

Juridische procedures

Wat verwacht Voka van de Vlaamse regering? Volgens Van den Broeck moet die, als die deze stap daadwerkelijk wil zetten, kiezen voor een geleidelijke en doordachte aanpak. "Doe het dan op een intelligente manier. Niet met de botte bijl. Kijk ook naar overgangsmaatregelen. Voka heeft verschillende voorstellen gedaan om de impact te verzachten." Houdt de Vlaamse regering toch vast aan de huidige plannen, dan belandt die volgens de werkgeversorganisatie bovendien wederom in juridisch drijfzand. Rechtszaken door bedrijven of sectorfederaties zijn dan volgens Van den Broeck niet uit te sluiten.

Duurzame oplossing

"Wij hopen dat uitstel uiteindelijk afstel wordt. Laat het systeem van groenestroomcertificaten gewoon uitdoven. Wil je negatieve stroomprijzen aanpakken, kijk dan ook naar maatregelen die de flexibiliteit van het elektriciteitssysteem vergroten, zoals vraagsturing en energieopslag. Neem oplossingen mee die het net daadwerkelijk helpen. Te vaak zien we dat dit soort dossiers los van de bredere context wordt benaderd. Europa schrijft iets voor, vervolgens wil men dat zo snel mogelijk uitvoeren. Volgens ons moet je altijd vertrekken vanuit het totale systeem, niet vanuit één geïsoleerd vraagstuk", beklemtoont Van den Broeck.