Congestie geen reëel gevaar voor residentieel net
Terug
Kan ons elektriciteitsnet de toename van elektrische wagens aan? Dat is een pertinente vraag, want elektrificatie zet zich behalve in transport ook in vele andere domeinen van onze samenleving door. In die zin is de groeiende elektrische vloot slechts het tipje van de ijsberg. Fluvius, distributiebeheerder in Vlaanderen, stelt ons bij monde van woordvoerder Lara Lammens deels gerust: het residentiële net loopt vandaag geen enkel gevaar op congestie. De goede verstaander heeft natuurlijk door dat de situatie van onze industrie nijpender is. Voor het hoog- en middenspanningsnet liggen er dan ook bijkomende investeringen in het verschiet.
Op schema
No Regret, zo heet het investeringsplan waarmee Fluvius de Vlaamse gezinnen samen met onze bedrijven door de energietransitie wil loodsen. Dat er tussen 2022 en 2024 6.500 kilometer aan nieuw laagspanningsnet werd aangelegd, maakt bijvoorbeeld deel uit van dat plan. Volgens diezelfde krijtlijnen zal daar in de komende jaren nog 30.000 kilometer moeten bijkomen om de groeiende behoefte aan elektriciteit te kunnen volgen.
Die cijfers zijn het resultaat van complexe simulaties, maar soms toont de realiteit zich weerbarstiger. Daarom wordt het uitgestippelde pad elke twee jaar geëvalueerd en getoetst aan de huidige ontwikkelingen. Uit die analyse blijkt dat sommige sectoren voorlopen op de verwachtingen, andere achter. Hoewel Vlaanderen grotendeels op koers ligt, zal er hier en daar dus wel lichtjes moeten worden bijgestuurd. De vraag is: waar?
Verwachtingen voor laagspanningsnet te hoog
Fluvius denkt dat in 2030 de elektrische vloot 1,6 miljoen wagens zal tellen. Dankzij een versnelde omschakeling in de leasingmarkt is dat 100.000 meer dan verwacht. Maar de privémarkt volgt dat voorbeeld niet, wel integendeel. Op langere termijn worden de verwachtingen daarom naar beneden bijgesteld: van 2,75 miljoen elektrische voertuigen in 2035 naar 2,45 miljoen. Die groeivertraging komt bovenop de muizenissen van de warmtepompsector, die het erg moeilijk heeft om de consument te overtuigen de overstap naar duurzame verwarmingssystemen te maken.
Beide zijn voorbeelden van sectoren die onder de verwachtingen blijven. In plaats van te moeten vrezen voor een congestie kan Fluvius de investeringen in het residentiële net daardoor terugschroeven. No Regret gaat uit van een totale investering van 4 miljard euro. Uit het budget dat oorspronkelijk was bedoeld voor distributiecabines en de uitbouw van het laagspanningsnet, zal 200 miljoen euro verschuiven naar het net voor middenspanning. Daar is de situatie namelijk helemaal anders.
Midden- en hoogspanning overspoeld met aanvragen
Terwijl gezinnen nog aarzelen, trekken onze bedrijven volop de kaart van elektrificatie. Dat is duidelijk te merken aan het aantal aanvragen voor een elektriciteitsaansluiting: bij Fluvius zijn die ten opzichte van vijf jaar geleden met een factor vier gestegen. Hoewel opmerkelijk, valt die stijging nog bescheiden uit in vergelijking met de tsunami die Elia als beheerder van het hoogspanningsnet te verwerken krijgt. We nemen datacenters als voorbeeld. Daarvoor is er de afgelopen jaren voor 70 terawattuur aan studieaanvragen ingediend. Om dat even in perspectief te plaatsen: het totale elektriciteitsverbruik in België bedraagt ongeveer 80 terawattuur. Geconfronteerd met de versnelde elektrificatie in de industrie, zetten zowel Elia als Fluvius alle zeilen bij in de vorm van extra investeringen.
Bijkomende investeringen
Het zijn dus niet de gezinnen, maar eerder onze bedrijven die moeten vrezen voor congestie op het net. “Om de te verwachten congestie op het middenspanningsnet aan te pakken, is er nood aan structurele samenwerking tussen netbeheerders, overheid, regulatoren en industrie”, beklemtoont Lara Lammens. Die aanpak zal bestaan uit een combinatie van investeringen, flexibiliteit en maatschappelijke keuzes.
Investeringen
De industrie elektrificeert zodanig snel dat het distributienet proactief moet worden versterkt. Dat is nodig om de hogere piekbelastingen het hoofd te kunnen bieden. Fluvius trekt dan ook 400 miljoen euro uit, bovenop de 700 miljoen euro die sowieso al gepland stond. Die zware inspanningen staan overigens nog los van Elia, dat zijn investeringen tegen 2030 zal verdrievoudigd hebben.
Flexibiliteit
Bedrijven hoeven zich dus niet ongerust te maken: hulp is onderweg. Anderzijds duurt het natuurlijk wel even vooraleer investeringen van die omvang afgerond en operationeel zijn. In de tussentijd vormen flexibele aansluitingen een werkbare oplossing. Daarbij is het maximale vermogen op piekmomenten weliswaar niet altijd gegarandeerd, maar ondernemingen beschikken ten minste over een netaansluiting.
Maatschappelijke keuzes
Een energietransitie als deze doet zich niet alle decennia voor en noopt daarom tot een dieper debat. “Er zijn duidelijke beleidskeuzes en prioriteiten nodig om de beschikbare capaciteit toe te wijzen aan projecten die het meeste bijdragen aan de Vlaamse en maatschappelijke doelstellingen”, aldus Lara Lammens. Maatschappelijke keuzes vormen dan ook het derde luik van Fluvius’ drieledige aanpak.
Data sleutel tot nog betere ondersteuning
Het succes van het plan van aanpak staat of valt met de nauwkeurigheid van de simulaties. Aangezien vooralsnog niemand in de toekomst kan kijken, sluipt daar altijd een mate van onzekerheid in. Vandaar dat data, onder meer afkomstig uit de digitale meters, een sleutelrol zullen gaan spelen in de verdere opvolging van de energietransitie en het verkleinen van de foutenmarge. Het is bijgevolg geen toeval dat Fluvius de komende 10 jaar ongeveer 30 miljoen euro wil spenderen aan de fundamenten van zijn datasystemen. Die glazen bol van bits en bytes moet de toekomst weer een stukje voorspelbaarder maken, zodat Fluvius het elektriciteitsnet nog beter kan klaarmaken voor wat de energietransitie in petto heeft.










